
De overlast van ongedierte aan boord neemt toe. De muizen rennen nu zonder vrees door de gangboorden. In de kombuis hoor je de kok grommen; alweer een zak graan die is aangevreten. De scheepsjongen lacht: hij is blij met ieder extra rantsoentje vlees, al is dat dan afkomstig van de kleine knagers die hij eigenhandig vangt.
